Het Geel - Trichomoniasis bij (wilde)vogels

“Het Geel” / Trichomoniasis bij (wilde) vogels, de rol van de mens.

 

De afgelopen weken is er de nodige publiciteit over het voorkomen van een specifieke ziekte bij wilde vogels waarbij er spraken kan zijn van aanzienlijke sterfte..

Het gaat hierbij om Trichomoniasis ofwel “het Geel”.  De ziekte wordt veroorzaakt door Trichomionas gallinae, een eencellige flagellaat die alleen met een microscoop kan worden gevonden. Bij voorkeur in een vers uitstrijkje zodat de parasiet goed kan worden gevonden omdat deze dan nog actief beweegt met behulp van enkele flagellen = ''draadjes'. 

“Het Geel” behoort bij postduiven binnen de postduivenliefhebberij tot de meest voorkomende parasitaire infecties. De ziekte speelt ook een rol bij wilde duiven zoals houtduiven en tortelduiven.

De ziekte komt ook bij andere vogelsoorten voor zoals roofvogels, uilen, vinkachtigen zoals mussen en groenlingen. Het is binnen de Kliniek voor Vogels ook regelmatig gevonden bij ooievaars.

In het algemeen zijn ziektes die worden veroorzaakt door parasieten specifiek voor een bepaalde soort of een bepaalde groep vogels.  Duidelijk is dat “het Geel”  niet echt selectief is waardoor het bij allerlei vogelsoorten een kans kan krijgen.

Bij vogels in gevangenschap komen we de ziekte o.a. ook tegen bij kanaries en grasparkieten.

 

“Het Geel”  tast de slijmvliezen aan waardoor er  o.a. luchtwegproblemen ontstaan en de vogels meer kwetsbaar zijn voor andere  luchtweginfecties door de slijmvliesbeschadigingenveroorzaakt door de flagellaten.

Bij ernstige besmettingen ontwikkelen zich gele plakkaten op de slijmvliezen die zich kunnen ontwikkelen tot stevige brokken waardoor de vogel kan stikken of niet meer in staat is om te eten.  Aan deze gele plakkaten/woekeringen heeft de ziekte de naam “het Geel”  te danken.

We moeten daarbij bedenken dat  slijmvliesafwijkingen waarbij zich gele plakkaten gaan ontwikkelen ook veroorzaakt kunnen worden door andere ziektes.  Bekend is dat ook bij een specifieke Herpesvirus infectie, bij een pokkeninfectie en ook bij een Candida infectie vergelijkbare afwijkingen zichtbaar kunnen zijn. Dergelijke slijmvliesafwijkingen worden ook wel beschreven als diphterie. Zo is er pokkendiphterie, herpesdiphterie enz.

Trichomoniasis kan ook op andere lokaties in het lichaam problemen veroorzaken. Deze parasieten kunnen ook in het darmkanaal problemen veroorzaken. Ook kunnen er leverafwijkingen worden gevonden, veroorzaakt door trichomoniasis. Binnen de Kliniek voor Vogels is de parasiet bij een duif gevonden als oorzaak van een hersenvliesontsteking.

“Het Geel”  is niet besmettelijk voor de mens of andere zoogdieren.

Vogels kunnen besmet raken met  “het Geel”  door het drinken van besmet water  of het wordt  rechtstreeks overgedragen  als vogels elkaar of de jongen voeren.  Daarnaast moeten we er rekening mee houden dat Trichomoniasis via de ontlasting wordt verspreid en langdurig in de omgeving  aanwezig kan blijven in de vorm van cystes die bestand zijn tegen allerlei uitwendige omstandigheden.  Dit is vooral bekend bij Giardia, een vergelijkbare flagellaat die als parasiet vooral in het darmkanaal voorkomt.

 

Bij postduiven speelt “het Geel”  in combinatie met Ornithosis/Chlamydiosis of het Herpes virus en  luchtweg infecties veroorzaakt door bacteriën of mycoplasma besmettingen vaak  een belangrijke rol bij problemen tijdens het vliegseizoen omdat duiven dan met grote aantallen bij elkaar worden gebracht in speciale vrachtauto’s om naar “”het zuiden” te worden gebracht voor de wedvluchten..  “Het Geel” verklaart in veel gevallen verminderde vliegprestaties , verliezen en ziekteverschijnselen met (voorste) luchtweginfecties.

Het is  bekend dat “het Geel”  in de kweekperiode ernstige problemen en zelfs sterfte kan geven bij  jonge vogels.

Het is bij “het Geel”  bekend dat er spraken kan zijn van meer of minder ”gemene” varianten waardoor een besmetting de ene keer ernstiger is dan de andere keer.  In een bestand met een besmetting kunnen vogels voorkomen die bij onderzoek negatief blijken te zijn op de parasiet.  Er zijn sterke aanwijzingen dat vogels een natuurlijke weerstand kunnen opbouwen tegen de ziekte waardoor de ziekte geen kans krijgt om problemen te geven. 

Parasieten kunnen we beschouwen als opportunisten die onder bepaalde omstandigheden kunnen profiteren en daardoor een kans krijgen om zich massaal te vermenigvuldigen.

Een typisch voorbeeld hebben we dit jaar gezien bij jonge ooievaars. 2009 is een zeer slecht broedseizoen geworden voor ooievaars  vanwege uitzonderlijke droogte in de aanloop van de broedperiode en een uitzonderlijk natte periode toen er veel  ooievaars waren geboren. Klimaatomstandigheden. Opmerkelijk was dat er binnen de Kliniek voor Vogels dit jaar veel jonge ooievaars zijn onderzocht die besmet bleken met een trematode. Deze parasiet vinden we vele jaren regelmatig maar dit jaar was het massaal. Dit lijkt een voorbeeld dat onder omstandigheden die ongunstig zijn voor de vogels een parasiet kan gaan profiteren.   Volgend jaar hopen we op betere omstandigheden waardoor deze ziekte minder een kans zal krijgen.

 

Aangezien “het Geel”  bij een groot aantal verschillende vogelsoorten in de natuur voorkomt, is het een illusie om te denken dat het mogelijk is om deze ziekte uit te bannen.

Door een natuurlijke selectie waarbij de zwakte vogels doodgaan aan een ziekte zien we dat de sterkste overblijven binnen een populatie. De jongen die een jaar later geboren worden uit de sterkste vogels hebben een betere weerstand dan de vogels die er  nu aan doodgaan.  Door deze natuurlijke selectie verdwijnen besmettelijke ziektes ”vanzelf” weer naar de achtergrond. Hetzelfde fenomeen hebben we gezien bij de virusuitbraken bij de zeehonden in de Waddenzee en bij de virusuitbraken bij konijnen in Nederland.  Door een ziekteuitbraak wordt de uiteindelijke populatie niet zwakker maar sterker.

Om deze reden hoeven we niet bang te zijn dat “het Geel”  een bedreiging vormt voor de wilde vogelpopulaties.

Bij ernstige uitbraken van “het Geel” bij vogels in gevangenschap  is het altijd belangrijk om te zoeken naar een achterliggende oorzaak.  Als vogels door een andere oorzaak/ziekte zijn verzwakt kan “het Geel”  een kans krijgen als secundair probleem.  Bekend is dat bij verschillende vogelsoorten virusseninfecties voorkomen die een rol kunnen spelen. Het meest bekende virus is het Circo-virus waarvan bekend is dat deze het afweersysteem beschadigd. Vogels, besmet met het Circo-virus zijn daardoor gevoeliger/kwetsbaarder voor andere ziektes zoals “het Geel”. Ook bij vogels in de natuur is het van belang om te zoeken naar eventuele andere oorzaken waardoor een ziekte een kans krijgt. 

“Het Geel”  is bij vogels in gevangenschap goed te behandelen. Afhankelijk van de vogelsoort en de omstandigheden kunnen medicijnen rechtstreeks worden toegediend danwel via het water of de voeding.

Aangezien “het Geel”  bij een groot aantal verschillende vogelsoorten in de natuur voorkomt, is het een illusie om te denken dat het mogelijk is om deze ziekte uit te bannen.

Het behandelen van wilde vogels tegen “het Geel”  is geen goede zaak. Problemen in de natuur worden opgelost door natuurlijke selektie en we moeten als mens deze natuurlijke selectie niet frustreren.. Daarbij is het niet goed mogelijk om vogels op een goede manier te behandelen. Omdat er fouten worden gemaakt met de dosering en de duur van een behandeling. Als de dosering onvoldoende is of als de medicijnen onvoldoende lang worden opgenomen kan zich resistentie ontwikkelen waar vervolgens de parasiet van profiteert.

De rol van de mens op het voorkomen van “het Geel”  bij wilde vogels is enerzijds beperkt omdat het een natuurlijk voorkomende parasiet is in de natuur.

De rol van de mens kan echter ook ongunstig zijn en de verspreiding van de ziekte in de hand werken.

Zoals aangegeven  komt de ziekte veel voor bij postduiven en moeten we er rekening mee houden dat postduiven een belangrijke rol kunnen spelen bij de verspreiding van “het Geel”   naar wilde vogels.  Via goten of andere plaatsen waar duiven drinken kan de besmetting worden overgebracht.

Het is al heel lang bekend dat als een besmette duif door een roofvogel wordt gepakt, de roofvogel besmet kan worden met “het Geel”.

Op dat punt ligt er zeker een verantwoordelijkheid bij postduivenliefhebbers en de postduivensport om er voor te zorgen dat deze duiven niet besmet zijn. Het vraagt om een structurele aanpak omdat dit de enige manier is om een dergelijke besmetting binnen de postduivenpopulatie terug te dringen.

Een andere menselijke factor die een rol speelt bij de verspreiding van “het Geel”  bij wilde vogels is het voeren van wilde vogels en het verstrekken van drinkwater.

Het is een opmerkelijk advies van de Vogelbescherming om vogels niet alleen in de winterperiode maar het hele jaar door te voeren in de tuin.

Om vogels in de winter te voeren als de omstandigheden voor de vogels en het voedselaanbod ongunstig zijn, is wat mij betreft een goede zaak al kleven ook daar risico’s aan ten aanzien van de verspreiding van besmettelijke ziektes zoals pseudotuberculosis.  In de winterperiode worden dan zaden/pinda’s en vetbollen  aangeboden

Het voeren van wilde vogels in het voorjaar en in de zomer is echter controversieel omdat het de vraag is of dat in het belang is van de vogels.  De reden om de vogels te voeren omdat het zo leuk is om de vogels op die manier te lokken en van dichtbij te zien is meer een menselijk belang.    Het voeren van de vogels in de tuin in de periode dat vogels seksueel actief zijn en sterk territoriaal gedrag vertonen is niet voor de hand liggend. Het  lokken van vogels naar een voederplaats kan dan gepaard gaan met stress situaties omdat vogels in die periode geen soortgenoten in het eigen territorium dulden.

Als in de zomermaanden tegelijkertijd drinkwater wordt aangeboden aan de wilde vogels moeten we bedenken dat deze drinkplaatsen gemakkelijk een belangrijke rol kunnen spelen bij de verspreiding van besmettelijke ziektes. Vogels gaan dan in de ondiepe schaaltjes/bakjes drinken en baden. Tegelijkertijd komt er ontlasting in het drinkwater. In de zomer neemt de watertemperatuur al snel toe en is dat “”drinkwater”” een groot risico voor de verspreiding van bacterie infecties zoals Salmonella en inwendige parasieten zoals wormen, coccidiosis en natuurlijk  “het Geel” .

De opvatting vanuit de Kliniek voor Vogels is dat het verder niet in het belang van de vogels is om in het voorjaar en in de zomer zaden te voeren. Zaden zijn voor de vogels in deze periode geen natuurlijke voeding.   Zaden komen in de natuur niet het hele jaar voor en de bekende mus als “zaadeter” is in het voorjaar en in de periode van het grootbrengen van de jongen veel meer een “insecteneter”.  Bovendien is binnen de vogelgeneeskunde is al tientallen jaren bekend dat zaadmengsels niet voldoen aan de voedingseisen van de vogels. Gaan vogels zich toeleggen op het eten van de zaden die mensen in de tuin aanbieden, dan ontwikkelen zich bij vogels voedingstekorten. Tevens is bewezen dat het risico aanwezig is dat de ouders aan de kleine jonge vogels dan ook zaden gaan voeren. Dit is bij jonge vogels een bekende doodsoorzaak danwel oorzaak van skeletafwijkingen.  Om die reden is al vele jaren geleden vanuit de Werkgroep Vogelsterfte van het toenmalige CDI geadviseerd om geen pinda’s te blijven voeren in het voorjaar omdat dit als doodsoorzaak bij jonge koolmeesjes werd gevonden. Verder moeten we ons bedenken dat de zaden uit de handel worden geoogst op een moment dat de wilde vogels deze nog niet eten zoals mensen geen appels eten die nog niet rijp zijn. Daarnaast is er reden voor zorg  als zaden afkomstig zijn uit “”derde wereld landen” waar nog altijd massaal landbouwgif zoals DDT wordt gebruikt. Het is bekend dat het veelvuldig gebruik van allehande soorten landbouwgif  in de jaren zestig verantwoordelijk was voor een massale achteruitgang van vogelsoorten en andere diersoorten.

 

Conclusies; 

“Het Geel”  kan fataal zijn voor vogels die gevoelig zijn voor de besmetting maar zal uiteindelijk nauwelijks negatieve gevolgen hebben voor de vogelpopulaties in de natuur. 

De problematiek van “het Geel”  bij wilde vogels wordt door menselijk toedoen  gecompliceerd en roept een aantal vragen op richting de vogelbescherming t.a.v. het advies om vogels het hele jaar te voeren met zaadmengsels en vragen aan de georganiseerde postduivenliefhebberij t.a.v. de rol die postduiven spelen bij de verspreiding van 'het Geel'.

 

 (c) 2009 Kliniek voor Vogels Meppel 

 

Het is niet toegestaan om bovenstaande tekst en/of foto’s over te nemen, te kopiëren of te publiceren zonder schriftelijke toestemming van de Kliniek voor Vogels te Meppel

 

 

 
0522-259455
info@kliniekvoorvogels.nl
@

© 2013  by Kliniek voor Vogels  |  sitemap
|
  |  disclaimer  |  privacy statement